10 soorten bomen en struiken voor boom-uitdeelactie

Soorten bomen en struiken

Je kunt in deze uitdeelactie kiezen uit 10 inheemse bomen en struiken die het allemaal goed doen in Zeeland:

  • 6 bomen: boswilg, linde, veldesdoorn, wilde appel, wilde mispel en kweepeer
  • 4 struiken: eenstijlige meidoorn, groene Hazelaar, gewone vlier en wilde liguster
Boswilg (Salix caprea)

Boswilg (Salix caprea)

De boswilg is een van de eerste bomen die bloeit na de winter en daarom erg geliefd bij bijen en andere insecten. Het is de typische wilg die men kent van de wilgenkatjes. De bloei begint al in maart en duurt tot en met april. Hij kan maximaal 10 meter hoog worden en is een snelle groeier. Boswilg staat het liefst op een zonnige of half-zonnige plek. In de eerste twee jaar heeft de boswilg in droge periodes nog extra water nodig.

Foto: Sandra Dobbelaar

Eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyn)

Eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyn)

De meidoorn groeit in het volle licht uit tot een stevige struik met één of meer stammen. Je ziet hem vanouds langs perceelgrenzen, watergangen en bosranden. Hij doet het goed op zwaardere gronden, en is minder bestand tegen arme grond en hoog grondwater. Hij kan goed tegen snoei, ook als geschoren haag. Hij verdraagt enige schaduw en is goed bestand tegen wind. Het is een langzame groeier met matige concurrentiekracht. De meidoorn heeft doorns en is daardoor goed beschermd tegen grote grazers en is geschikt voor veekerende heggen. Hij biedt ook veel nestel- en schuilgelegenheid  aan vogels en knaagdieren. De meidoorn trekt diverse insecten en insectenetende vogels aan. Het meidoornhout is geschikt voor houtsnijwerk. De eenstijlige meidoorn heeft in mei/juni witte bloemen en krijgt daarna eetbare rode bessen. De rode vruchten kunnen zowel rauw als gekookt gegeten worden. Ze smaken zoet en licht sappig. Van de bessen kan jam gemaakt worden. Meidoorn is dé plant om hart-en vaatziekten mee te behandelen. Hij reguleert de hartslag, verwijdt bloedvaten en draagt bij aan herstel van de vaatwand. Het zelf maken van medicijnen op basis van meidoorn is niet aangewezen. Beter is het om deze in tabletvorm in de apotheek te kopen.

Foto: Lucien Calle

(Winter)Linde (Tilia cordata)

(Winter)Linde (Tilia cordata)

De kleine bladeren van de winterlinde zijn prachtig: hartvormig, frisgroen in de zomer en vrolijk geel in de herfst. En eenmaal op de grond doen ze ongekend goed werk: lindebladeren verteren heel makkelijke en voegen zo snel voedingsstoffen toe aan de bodem. De winterlinde bloeit in juni en juli. De bloemen zijn wit en vormen dichte groepjes van vier tot vijftien stuks en geuren sterk. Hommels en bijen drinken graag van de nectar. Voor honingbijen is de linde een belangrijke voedingsbron. De winterlinde kan wel uitgroeien tot een hoge boom, met brede ronde eivormige kroon. Hij doet het goed op rijke, vochthoudende leemgrond. Verdraagt goed schaduw en kan tegen wind. En laat zich makkelijk in een bepaalde vorm snoeien.
De bloemen worden gedroogd en als geneesmiddel gebruikt. Lindenbloesemthee werkt tegen ontstekingen in de mond en keel. Het is zeer geschikt voor gebruik door kinderen.

Foto: Lucien Calle

Veldesdoorn (Spaanse Aak)

Veldesdoorn (Spaanse Aak)

Bekend van de propellertjes of helikoptertjes. De zaden die zo leuk draaiend naar beneden komen. Leuk voor kinderen. Kan wel uitgroeien tot een flinke boom met brede kroon. Maar kan ook goed tegen snoeien. Snoeien alleen in volledige winterrust (najaar – voor 1 december, niet bij vorst). Heeft een snelle jeugdgroei met grote concurrentiekracht en kan uitgroeien tot een grote boom. Goede drachtplant voor bijen. Verkleurt mooi in de herfst.

Foto: Sandra Dobbelaar

Groene Hazelaar (Corylus avellana)

Groene Hazelaar (Corylus avellana)

Het is een grote, brede struik van 3-6 meter hoog met veel stammetjes. De hazelnoot is in september/oktober rijp. Ze groeit op voedselrijke, vochtige bodems. Kan veel schaduw verdragen. Maar vormt dan lange, dunne takken die topzwaar kunnen worden. Verdraagt goed wind. Groeit de eerste 6 jaar langzaam, daarna wat sneller. Het is een waardevolle soort voorlandschappelijke beplanting, in m.n. heggen en struwelen. Zij heeft een gunstige invloed op de strooiselvertering. Hazelnoten zijn voedzaam en bevatten veel van het  enkelvoudig onverzadigde  omega-9-vetzuur oleïne, dat kan bijdragen aan een betere verhouding van het HDL/LDL cholesterol.

Foto: Sandra Dobbelaar

Wilde appel (Malus sylvestris)

Wilde appel (Malus sylvestris)

De wilde appel is in Nederland nog in kleine aantallen in het wild aan te treffen. De hoogte kan 10m worden, maar de appels blijven vaak kleiner. De appel-achtige vruchten van 3-4 cm doorsnede zijn eetbaar (zuur en smakelijk), maar het zijn geen handappels die doorgaans verkocht en gegeten worden. De wilde appel heeft een dichte, lage en koepelvormige kroon en de takken vormen een hechte structuur. De wilde appel bloeit met een schermvormige bloemtros aan de top van korte loten. De bloemen zijn 3-4 cm groot en hebben vijf witte kroonblaadjes met een roze waas. Ze zijn gevuld met veel gele meeldraden. Het roodbruine hout is hard en stug. Het splijt niet snel en heeft een fijne nerf. Het wordt vooral gebruikt voor klein snijwerk als ornamenten en handgrepen en voor beeldhouwen, omdat het hout voor grote formaten vaak te veel blijft werken. Wilde appels zijn vanwege hun hoge pectinegehalte uitstekend geschikt om er appelgelei van te maken. In Engeland staat die bekend als apple jelly en is geliefd als een vitamine- en mineraalrijke toevoeging aan (winterse) vleesgerechten. In Frankrijk stookt men van de vruchten de sterke drank Calvados.

Foto: veggipedia.nl

Wilde mispel (Mespilus germanica)

Wilde mispel (Mespilus germanica)

De mispel groeit op alle grondsoorten, als deze maar niet te nat of te droog zijn. Het is een . stuik of klein boompje en kan tot 4 meter hoog worden en heeft een brede kroon. De vrucht rijpt in oktober/november. Enkele keren nachtvorst voor het plukken maakt de vruchtjes smakelijker. Mispels worden als dessertvruchten gebruikt. Het lekkerst is mispel als gelei. Maar je kunt er ook in combinatie met pruimen of vlierbessen een lekkere siroop of maken. De mispel bevat veel vitamine C en is goed voor de spijsvertering en de maag.

Foto: Stichting Landschapsbeheer Zeeland

Gewone vlier (Sambucus nigra)

Gewone vlier (Sambucus nigra)

In de winter geen aantrekkelijke verschijning, maar eind mei, begin juni is hij prachtig, met z’n vele mooie roomwitte, geurende bloemschermen. Het is een struikachtige boom, met lange omhoog strevende takken van een paar meter. In de vruchttijd is de struik goed te herkennen aan de donkere, bijna zwarte bessen. De vruchten zijn in september en oktober rijp. Deze bessen zijn een belangrijke bron van voedsel voor veel vogels. De plant vermeerdert zich door zaad dat door vogels, met name spreeuwen, die dol op de bessen zijn, wordt verspreid. De vlier is een makkelijke plant en doet het vooral goed op stikstofrijke grond en groeit zowel op zware als op lichte gronden. Verdraagt schaduw, kan daarom goed samen in dichte beplanting, maar komt het meeste tot zijn recht als vrijstaand exemplaar. Kan ook goed tegen zeewind. Het is een snelle groeier. Hij kan goed tegen snoeien. De vlierbloesem is eetbaar en kan je gebruiken voor thee, siroop en van de vitaminerijke bessen kan je sap of jam maken. Ook vogels eten ze met smaak. Zowel thee van de bloemen als sap van de bessen is  geschikt om griep en verkoudheden te behandelen. Let op: vlierbessen moet je altijd koken voor je ze gebruikt!

Foto: Sandra Dobbelaar

Wilde liguster (Ligustrum vulgare)

Wilde liguster (Ligustrum vulgare)

De gewone liguster genoemd, is een geliefde haagplant. De plant heeft smalle, langgerekte bladeren die heldergroen van kleur zijn. Tijdens de zomer is de gewone liguster prachtig versierd met kleine witte bloemetjes, en is een belangrijk plant voor bijen. Na de bloeiperiode verschijnen er zwarte (voor de mens giftige) besjes aan de plant. Deze besjes zijn echter populair bij vogels als voedsel. Ook maken vogels graag een nest in deze haag. De ligustrum vulgare verliest alleen bij extreem lage temperaturen zijn bladeren. Is het een milde winter? Dan behoudt de plant zijn bladeren gedurende de hele winter. Zij kan uitgroeien tot een tot 3 meter hoge brede uitgroeiende, veelstammige struik. Verdraagt vrij goed schaduw en kan tegen wind en zee. Ze groeit tamelijk snel. Zij kan ook als geschoren haag gebruikt worden.

Foto: Nettie Wilderom

Kweepeer (Cydonia oblonga)

Kweepeer (Cydonia oblonga)

De kweepeer is boom die tot maximaal  6 meter hoog kan worden, en is tamelijk breed. De kweepeer  houdt van luwte en zon. In april en mei wordt zij versierd met mooie grote witte bloesem. De vruchten zijn donzig behaard, groenig of geel en peer en/of appelvormig. Ze geuren sterk en lekker en zijn keihard. Door te wassen verdwijnt de donzige beharing, en na het koken kan het vruchtvlees roze of rood kleuren. Dit hangt af van het ras en van de kooktijd, Met kweeperengelei kunnen smakelijke gerechten worden bereid, en smaakt ook heel goed op een wit broodje met roomboter.

Foto: Stichting Landschapsbeheer Zeeland